Naar beginsite
Naar pagina uit: 'De krokodil'
geslenterd. Ter hoogte van de non
hield hij stil. Ze waren beiden van gelijke lengte. Zijn blik
ging een paar keer op en neer van de voeten van de non naar
haar deemoedig gebogen hoofd, terwijl hij het soepele deel
van het zweepje strelend over de palm van zijn linkerhand liet
gaan. Zijn kameraden keken achterom en riepen iets naar hem.
Toen hij niet reageerde, liepen ze door en zo’n tien
seconden later waren ze verdwenen in het hoofdgebouw. Tijdens
die tien seconden bleef ‘Jan- tje’ staan waar hij
stond. Zijn hand met het zweepje bleef ritmisch de strelende
beweging maken. Onafgebroken bleef zijn blik op de non gericht.
Niet in staat zich te verroeren, staarde de zuster naar het
water in het teiltje. Niemand kreeg ooit te horen wat er die
ogenblikken door haar heen ging. Haar in de tropenzon gebruinde
gelaat was vaalbleek. Het onbeheerste trillen van haar lichaam
onder het habijt was zichtbaar aan de kleine golfjes water, die
zo nu en dan over de teilrand golfden. Heel rustig
verplaatste ‘Jantje’ zijn voeten achterwaarts,
totdat hij iets meer dan een armlengte van de non vandaan
stond. Zijn enigszins kromme benen stonden gespreid. Overdreven
langzaam legde hij zijn linker vuist laag op zijn rug. Alle
geluiden in het kamp verstomden. Het dreinen van een baby
ergens op het plein, werd plotseling gesmoord. In de
onwerkelijke stilte klonken de verre stadsgeluiden en het
dichterbije gonzen van allerlei insecten opeens heel
dreigend... Plotseling zwiepte het zweepuiteinde met een
striemende slag over het teiltje. De tijd scheen vertraagd te
zijn, het vallen van de teil en van het eruit gutsende water
leek eindeloos te duren. De pets van het neerkletsende vocht en
de kletterende klap van de zinken bak klonken haast
oorverdovend in de onnatuurlijke stilte. Aan de onderkant van
het habijt waren donkere plekjes zichtbaar van opgespatte
waterdruppels. Als door een wonder was er verder niets van de
inhoud van de teil op haar terechtgekomen. De benen en de
sokken en de gympen van de Jap dropen echter van het
vocht… De bloedeloze lippen van oude vrouw leken een
gebed te prevelen.